Primo, secondo en contorno: zo is een Italiaanse maaltijd opgebouwd
Home » Primo, secondo en contorno: zo is een Italiaanse maaltijd opgebouwd

Primo, secondo en contorno: zo is een Italiaanse maaltijd opgebouwd

door Redactie Pasta Pasta

De eerste keer dat je in Italië een menukaart krijgt, gaat er iets mis. Je ziet drie kolommen, je bestelt uit de tweede kolom omdat daar het vlees staat, en de ober kijkt je aan alsof je iets bent vergeten. Dat ben je ook. Wat er op zo’n kaart staat is geen lijst met gerechten waaruit je er één kiest, het is de opbouw van een maaltijd, en die opbouw is een van de weinige dingen in de Italiaanse keuken waar werkelijk overal aan wordt vastgehouden. Wie hem begrijpt, kookt thuis anders. Niet omdat het moet, maar omdat je ineens ziet waarom die pasta in Italië altijd beter smaakt terwijl er minder in zit.

De volgorde begint bij de antipasto, letterlijk wat voor de maaltijd komt. Gedroogde ham, olijven, gegrilde groente, een stukje kaas, bruschetta. Kleine dingen, koud of lauw, bedoeld om de honger net genoeg wakker te maken. Daarna komt de primo, de eerste gang, en dat is de plek waar pasta thuishoort. Niet als hoofdgerecht, maar als de gang die de maaltijd op gang brengt. Naast pasta vallen ook risotto, soep en gnocchi in die categorie, en dat is precies waarom risotto in Italië een eerste gang is en geen avondvullend gerecht. Dan volgt de secondo: vlees of vis, vrijwel altijd zonder iets ernaast op het bord. Wat er wel naast komt, staat op een eigen schaaltje en heet contorno: geroosterde aardappelen, spinazie met citroen, een salade, gestoofde bonen. Aan het eind komt de dolce, en daarna koffie, espresso, nooit cappuccino.

Het eerste dat opvalt als je die opbouw naast een Nederlandse maaltijd legt, is de portiegrootte. Een primo in een Italiaans huishouden is ongeveer tachtig tot honderd gram droge pasta per persoon, en dat is minder dan wat hier vaak op één bord ligt. Het gerecht hoeft niet in zijn eentje een avond te dragen, dus het kan met minder ingrediënten toe. Cacio e pepe bestaat uit drie dingen. Aglio e olio uit vier. Dat is niet zuinigheid, dat is ontwerp: als er nog een gang achteraan komt, hoeft de eerste gang niet alles te doen. Wij denken dat daar de belangrijkste les zit voor wie thuis kookt. Zodra je pasta als hoofdgerecht ziet, ga je hem opladen met kip, groente, room en kaas tegelijk, en dan smaakt het naar van alles wat, terwijl een simpele saus op een kleiner bord veel scherper op tafel komt.

Waarom de groente apart staat

Het tweede dat opvalt, is dat er in Italië bijna nooit iets bij elkaar op één bord ligt. Het vlees ligt alleen, de groente ligt in een eigen schaal, de aardappel ook. Voor Nederlandse ogen ziet dat er kaal uit, alsof er iets is vergeten. De gedachte erachter is dat elk ding zijn eigen bereiding en zijn eigen smaak heeft en dat je die niet door elkaar wilt laten lopen. Sausjes worden niet over de groente gegoten, citroen en goede olijfolie moeten volstaan.

Diezelfde logica verklaart waarom je in Italië zelden pasta als bijgerecht bij vlees ziet. Pasta is een gang, geen garnering. Kip op tagliatelle, een combinatie die in Nederlandse restaurants gewoon is, bestaat daar simpelweg niet in die vorm. Ook brood met olijfolie als voorafje is grotendeels een export: brood staat er wel, maar om saus mee op te nemen aan het eind van een gang, en dat gebaar heeft zelfs een naam, de scarpetta.

Wat er tussen de gangen wordt gedronken is even eenvoudig. Water, en wijn die bij de streek van het gerecht past en niet bij het prijskaartje. De vraag welke fles waarbij hoort is minder ingewikkeld dan hij lijkt, en de basisregels voor wijn bij pasta komen op hetzelfde neer als de rest van deze opbouw: houd het bij de saus, niet bij de pasta.

Hoe Italianen doordeweeks werkelijk eten

Nu de nuance die op de meeste blogs ontbreekt: die volledige opbouw komt op een doordeweekse avond bijna niet voor. Een Italiaans gezin eet op dinsdag één gang. Een bord pasta, of een stuk vis met een salade ernaast, en daarmee is het klaar. De volledige reeks met antipasto, primo, secondo, contorno en dolce is voor zondag, voor feestdagen en voor restaurants. Wie beweert dat Italianen elke avond vijf gangen eten, heeft alleen op vakantie gegeten.

Wat wel elke dag geldt, is de volgorde binnen die ene gang. Je eet niet én pasta én vlees op hetzelfde bord, en groente komt apart. En koffie komt na het eten, niet erbij. Het cappuccinoverbod na twaalf uur is geen wet en niemand wordt eruit gezet, maar er zit een logica onder: melk vult, en na een maaltijd wil je niet nog een glas melk. Espresso sluit af, en daarna eventueel iets sterks, wat ze met droge humor een ammazzacaffè noemen, een koffiedoder.

Wat kun je hier thuis mee zonder dat het aanstellerij wordt? Het meeste zit in twee dingen. Zet de pasta op tafel als eigen gang, in kleinere porties, en laat de salade en de groente in een eigen schaal ernaast staan in plaats van erop. Dat kost niets extra’s, het maakt een doordeweekse maaltijd langer en rustiger, en het geeft ruimte om een eenvoudig gerecht simpel te houden. Ontvang je gasten, dan werkt die opbouw helemaal in je voordeel, want elke gang is klein en je kunt het meeste vooruit maken. Dat is dezelfde reden waarom een Italiaans opgezet tuinfeest zo goed werkt: veel kleine dingen achter elkaar vragen minder van de kok dan één groot gerecht dat op het moment zelf perfect moet zijn.

Nog zoiets dat de opbouw verraadt: de dolce is thuis meestal geen taart. Wat er na het eten op tafel komt is fruit, en dan fruit dat op tafel wordt gesneden terwijl iedereen blijft zitten. Een schaal met perziken in de zomer, mandarijnen in de winter, en een mes dat rondgaat. Gebak is voor de zondag en komt van de banketbakker om de hoek, niet uit de eigen oven, want de meeste Italiaanse huizen bakken thuis nauwelijks. Dat verklaart ook waarom de maaltijd zo lang duurt terwijl er weinig hoeft te gebeuren: het langste deel is de gang waarvoor niemand hoeft te koken.

De opbouw is dus geen etiquette maar een manier om met weinig veel te maken. Alle regels erin komen op hetzelfde neer: geef elk ding zijn eigen moment, maak de porties kleiner dan je gewend bent, en laat de ingrediënten niet met elkaar concurreren. Daar heb je geen Italiaanse grootmoeder voor nodig, alleen een extra schaaltje op tafel.

Gerelateerde artikelen